Rechtbank doet uitspraak in twee procedures
17-07-2026 |
De rechtbank Gelderland heeft onlangs uitspraak gedaan in twee bestuursrechtelijke procedures die betrekking hebben op de warmteopwek-installaties van de Bio-Energie-groep die warmte leveren aan ons warmtenet. De zaken hadden betrekking op handhavingsbesluiten van de gemeente Ede en de Omgevingsdienst De Vallei.
Uitspraak over meldplicht ongewone voorvallen
In de eerste procedure, die betrekking had op Bio-Energie Ede B.V., stond de vraag centraal of twee gebeurtenissen in 2024 onder de voorwaarden vallen van ‘ongewone voorvallen’ en of deze volgens de geldende regels waren gemeld. Het ging daarbij om een periode van verminderde warmtelevering in januari 2024, veroorzaakt door biomassa met een te hoog vochtgehalte, en een opstart van de installatie aan de Geerweg in februari 2024 waarbij omgevingsklachten ontstonden.
In de aanloop naar de grote storing begin januari 2024 was er intensief contact tussen medewerkers van Bio-Energie Ede en de Omgevingsdienst De Vallei over de ontstane situatie. De rechtbank oordeelde echter dat daarmee niet was voldaan aan de formele wettelijke meld- en informatieplicht. Volgens de rechtbank hadden beide voorvallen op de voorgeschreven wijze moeten worden gemeld en had de vereiste informatie vollediger moeten worden verstrekt. De eerder opgelegde lasten onder dwangsom* blijven daarom in stand.
* een last onder dwangsom is geen boete, maar een stok achter de deur om te voorkomen dat het nog een keer voorvalt.
Invorderingsbesluit van de gemeente vernietigd
De tweede procedure betrof Bio-Energie Ede Noord B.V.. In deze zaak stond een invorderingsbesluit van € 15.000 centraal. Volgens de gemeente was een emissiereducerende installatie bij een duurzame energie-installatie niet continu in bedrijf, waardoor het bedrijf de al eerder opgelegde last onder dwangsom ook daadwerkelijk moet betalen.
De rechtbank vernietigde het invorderingsbesluit. Het uitzetten van de emissiereducerende installatie was namelijk afgestemd met en geaccepteerd door de toezichthouder. Het continu gebruiken van de installatie kan namelijk juist leiden tot een hogere ammoniakuitstoot. Volgens de rechtbank vormde dit een bijzondere omstandigheid waardoor de gemeente niet tot invordering had mogen overgaan.
Toelichting van het bedrijf
CEO Roel Meijerink reageert op de uitspraken: “Deze uitspraken onderschrijven het belang van een goede samenwerking met de gemeente en de omgevingsdienst. Aan de ene kant heeft de rechter benadrukt dat wij afwegingen rondom een dilemma rondom uitstoot zorgvuldig met de toezichthouder hebben afgestemd, waardoor de ‘boete’ van de gemeente Ede niet aan de orde kan zijn. Aan de andere kant geeft de rechter ook aan dat ondanks dat onze mensen heel intensief met de autoriteiten geschakeld hebben rondom een beginnende storing, dat niet volgens de juiste procedure gelopen is. Dat betreuren wij.”
Meijerink vervolgt: “De afgelopen jaren heeft Energie voor Elkaar, waar ook Warmtebedrijf Ede en de betrokken bedrijven uit de Bio-Energie-groep onder vallen, belangrijke verbeteringen doorgevoerd. We hebben onze interne processen aangescherpt en zetten nadrukkelijk in op open en transparante communicatie met toezichthouders. Samen met onze warmteleveranciers blijven wij ons inzetten voor een betrouwbare, veilige en duurzame warmtevoorziening, met aandacht voor een zorgvuldige naleving van de geldende wet- en regelgeving.”